Evolutie mottekastelen

Oud-Stuivekenskerke is vandaag een klein gehucht nabij Diksmuide. Enkele huizen en boerderijen rond de ruïnes van de voormalige Sint-Pieterskerk. Het beton aan de kerk herinnert aan de Eerste Wereldoorlog toen Stuivekenskerke diens deed als voorpost van het Belgische leger en de kerk werd ingericht als observatiepost. De Belgen hadden de IJzervlakte onder water gezet en stopte op die manier de Duitse opmars. Naast de kerk ligt het Onze-Lieve-Vrouwehoekje, een kapel gewijd aan Onze-Lieve-Vrouw-ter-Zege en een herdenkingsplaats voor de gesneuvelden van de Grote oorlog.

Bezoekers komen vooral voor het oorlogsverleden van Stuivekenskerke. De geschiedenis van het dorp gaat nochtans veel verder terug in de tijd. Oud-Stuivekenskerke werd vermoedelijk in de 12de of 13de eeuw gesticht door een zekere Stuivikin of Stuvin, ongetwijfeld een lokale heer of tenminste een rijke boer. Het is één van de vele dorpen die groeide rond een opper- en neerhof. Archeologisch onderzoek door het toenmalige Instituut voor Archeologisch Patrimonium in 1999 wijst op een oorsprong in een mottekasteel.

Stuivekenskerke wordt voor het eerst in 1219 vermeld als ‘parochia de Stuvinskerke in loco qui Vatha Dicitur’, in het Nederlands: 'de parochie Stuivinskerke op de plaats die Vate genoemd wordt'. De Latijnse naam Vatha, nog vervat in het huidige Tervate, zo wijzen op een wad of een ondiepe doorwaadbare plaats. Het mottekasteel lijkt opgeworpen op de flank van een kreekrug op de overgang naar de lager gelegen, natte poelgronden. Het kasteel was vermoedelijk van begin af ingesloten door twee zijgeultjes van de IJzer, de Zwarteloop en de Reigersvliet.

Hoe Stuivekenskerke verder evolueerde tijdens de middeleeuwen weten we niet helemaal zeker. Al snel na de opwerping van het mottekasteel moet er op de kreekrug een burchtdorp zijn ontstaan. Later werd de motteheuvel ook afgetopt en er gebeurde bijkomende ophogingswerken rondom het kasteel. De toren maakte plaats voor een bakstenen huis met traptoren. Zo kreeg het voormalig kasteel tijdens de late middeleeuwen vermoedelijk het uitzicht van een omwalde hoeve met walgracht met een complex grachtensysteem en meerder wooneilanden. Rondom het dorp werden sporen van veenontginning vastgesteld.

Een bijzonder hoofdstuk in de geschiedenis van Stuivekenskerke werd geschreven in de 19de eeuw. Wanneer rond 1865 de oude Sint-Pieterskerk aan herstellingswerken toe is, blijkt de toestand van de kerk zo slecht dat er stemmen opgaan om een nieuwe te bouwen. Zo geschiedde ook maar niet op de plek van de vorige kerk. In plaats daarvan wordt onder impuls van burgemeester  J.B. De Graeve, de kerk heropgebouwd in de in de nabijheid van zijn landgoed Vicogne zo’n zo'n twee km naar het noorden. Rond deze dorpskern ontstaat een ‘nieuw’ Stuivekenskerke met een dorpspleintje, een pastorie, een dorpsschooltje, een kruidenierswinkeltje, een herberg en een aantal woningen. Het oude dorp loopt grotendeels leeg.

12de eeuw: hier moeten we zijn

Een ooggetuige met schetsboek op zak, bracht voor ons de (mogelijke) dorpsgeschiedenis van Stuivekenskerke in beeld: Stuvin zoekt een plek voor de aanleg van zijn mottekasteel. Hij vindt een geschikte locatie langs de IJzer, aan de samenloop van twee zijgeultjes, de Reigersvliet en de Zwarteloop.

12de eeuw: bouwen aan de motte

Eerst het water afdammen en dan graven. Het neerhof werpen ze op tegen de hoger gelegen kreekrug. De motteheuvel wordt aangelegd in de drassige poelgronden langs het water.

12de eeuw: het mottekasteel is klaar

Het mottekasteel van Stuvin is klaar: twee hopen aarde omgeven door een houten palissade en een diepe gracht. Op het opperhof staat er een houten toren, moeilijk in te nemen door belegeraars en zichtbaar van heinde en verre. Het neerhof  is het kloppend hart van het dagelijkse leven. Er wordt gewoond, er is een boerenhof, men doet er aan ambacht en de kapel biedt plaats voor geloof.

13de eeuw: het prille dorp groeit

Rond het mottekasteel ontstond er al gauw een nederzetting. Stuivekenskerke krijgt naast de burchtkapel ook een parochiekerk, gewijd aan Sint-Pieters. De aanwezigheid van het kasteel trekt mensen aan. Het biedt veiligheid, maar ook opportuniteiten op vlak van handel en werkgelegenheid.

15de-16de eeuw: het dorp bloeit

Het dorp groeit gaandeweg uit tot een bloeiend dorp. De rol van het mottekasteel lijkt uitgespeeld. De heuvel wordt genivelleerd en tegelijkertijd worden nieuw grachten gegraven en andere plekken verder opgehoogd. In plaats van de oude mottetoren komt er een comfortabel huis uit baksteen. 

19de eeuw: niet meer dan een spookdorp

De oude Sint-Pieterskerk is aan vernieuwing toe. De burgemeester is bereid een nieuwe te bouwen maar dan wel nabij zijn landgoed Vicogne zo’n twee kilometer verderop. Veel inwoners hebben ‘oud’ Stuivekenskerke al verlaten en bouwen aan een huis rond de nieuwe kerk.

1914-18: een plek van strijd en bloedvergieten

De Belgen hebben de IJzervlakte ondergezet in de hoop de Duitse troepen tot stilstand te brengen. Dat is gelukt. Oud-Stuivekenskerke komt in de vuurlinie te leggen. De hogere plekken die uitsteken in het natte landschap lenen zich uitstekend als observatie- en geschutspost: de kerk, maar ook het oude mottekasteel.

Na WOI: een plek vol herinnering

Het dorp recht de rug na de oorlog. Er komen nieuwe inwoners. Het wordt ook een plek van herdenking: de oude kerk wordt ingericht als uitkijkpost en in de Onze-Lieve-Vrouwekapel wordt hulde gebracht aan de vele gevallen soldaten. Wie goed kijkt herkent nog de grachten van het oude mottekasteel.

Vandaag: een plek voor onderzoek

Er zijn archeologen aan het werk in Oud-Stuivekenskerke. Met hun onderzoek brengen ze het verleden van het dorp en het mottekasteel van Stuvin opnieuw tot leven.

Bekijk de evolutie van Oud-Stuivekenskerke in het animatiefilmpje hieronder.

mottekasteel
mottekasteel