Geografisch toepassingsgebied
Het plattelandsprogramma volgt een tweesporenbeleid: PDPO en LEADER.
Kaart met de afbakening van beide gebieden.
PDPO: provinciale inzet
Het Vlaams programma stelt dat het voltallige buitengebied van Vlaanderen, met uitzondering van de kernen van de 13 centrumsteden in aanmerking komt voor steun van het Plattelandsontwikkelingsprogramma. Wel moeten projecten die uitgevoerd worden in een stedelijke kern kunnen aantonen dat het project een meerwaarde heeft, een duidelijke link vertoont, met het omliggende buitengebied.
Het provinciebestuur West-Vlaanderen kiest ervoor om de middelen gebiedsgericht en geconcentreerd in te zetten. Vanuit de filosofie van het Plattelandsbeleidsplan om extra aandacht te besteden aan de kleine kernen op het platteland hanteert de provincie ook de ruraliteitscriteria die gelden voor LEADER.
Alle deelgemeenten die aan de twee of aan één van de twee bovenstaande ruraliteitscriteria voldoen en niet in een afgebakend Leader-gebied liggen komen in aanmerking voor steun van het provinciaal Plattelandsprogramma.
Deelgemeenten die niet voldoen aan één van de twee ruraliteitscriteria, maar waar op gemeenteniveau wel aan voldaan wordt, komen ook in aanmerking voor steun van het Provinciaal Plattelandsontwikkelingsprogramma.
Projectoproepen binnen PDPO worden uitgevoerd buiten de af te bakenen LEADER-gebieden, tenzij ze ten dienste staan van het hele buitengebied van de provincie.
Uitsluitende voorwaarden:
- Deelgemeenten die in een afgebakend en erkend LEADERgebied liggen, komen niet in aanmerking voor steun van het PDPO en kunnen enkel in aanmerking komen voor de middelen van LEADER.
- Omgekeerd kunnen deelgemeenten die niet in een LEADERgebied liggen, maar wel aan de criteria voldoen voor het PDPO enkel steun genieten vanuit het PDPO.
LEADER: gebiedsgerichte inzet
Meer info op de LEADER-portaalsite www.west-vlaanderen.be/leader.
Gebiedsgericht, te kiezen uit selectie van deelgemeenten die in aanmerking komen voor PDPO-steun, kunnen 2 homogene plattelandsgebieden door het Provinciale Managementcomité erkend worden als LEADER-gebied in West-Vlaanderen. Om als Leadergebied erkend te worden moet voldaan worden aan de volgende criteria:
Ruraliteitscriteria op deelgemeenteniveau:
- Bevolkingsdichtheid: < of gelijk aan 300 inw/km²
- Bebouwingsgraad: < of gelijk aan 15%
Algemene Criteria
- het gebied moet een homogeen geheel vormen vanuit fysisch (geografisch), economisch en sociaal oogpunt en moet minstens 3 gemeenten omvatten.
- het gebied moet minstens 90% "ruraal" zijn (voldoen aan beide ruraliteitscriteria, zie boven). Max. 10% van de oppervlakte van het gebied mag niet-ruraal zijn.
- het gebied moet tussen de 5.000 en 150.000 inwoners bevatten. (afwijking is gemotiveerd mogelijk tot 250.000)
In april 2008 werden de twee LEADER-gebieden goedgekeurd: de Westhoek en het Tielts Plateau.
Het LEADER-gebied Westhoek wordt gevormd door alle dorpen en steden uit de 18 Westhoekgemeenten, uitgezonderd de kustkernen De Panne, Koksijde, Oostduinkerke en Nieuwpoort.
Ontwikkelingsstrategie:
Westhoek
Contact: Plaatselijke Groep LEADER Westhoek
Wouter Bertier
Coördinator Leader Westhoek
Streekhuis Esenkasteel
Woumenweg 100
8600 Diksmuide
T 051 51 94 38
E wouter.bertier@west-vlaanderen.be
Het LEADER-gebied Tielts Plateau strekt zich uit over 8 gemeenten: Ardooie, Dentergem, Pittem, Ruiselede, Tielt, Wingene, Beernem en Oostkamp.
Ontwikkelingsstrategie:
Tielts Plateau
Contact: Plaatselijke Groep LEADER Tielts Plateau
Pieter Santens
Coördinator Leader Tielts Plateau
Streekhuis Midden-West-Vlaanderen
Peter Benoitstraat 13
8800 Roeselare
T 051 27 55 61
F 051 27 55 51
E pieter.santens@west-vlaanderen.be