Geschiedenis
Op 1 februari 1996 werd de beleidsnota Gebiedsgerichte werking door de provincieraad goedgekeurd en werd een substantieel krediet voor de invulling ervan voorzien. Deze beslissing maakte deel uit van een algemene organisatiestrategie op weg naar de beoogde "provincie nieuwe stijl". Daartoe waren er diverse aanleidingen. Naast vragen van onderuit om zich met bepaalde streekdossiers in te laten en een aantal gebiedsgerichte opdrachten die het Vlaamse niveau aan de provincies toevertrouwde, wilde de provincie zelf zich sterker als intermediair bestuur profileren en een meer klantgerichte dienstverlening uitbouwen. Overigens was in het kader van de grensoverschijdende samenwerking met de buurregio's en de Europese financiering die daarmee gepaard ging al een gebiedsgerichte werking avant la lettre op het spoor gezet onder meer via het Regionaal Landschap West-Vlaamse Heuvels.
Om het gebiedsgericht werken te concretiseren, werd bij de aanvang voorgesteld om een dubbele beweging na te streven. Enerzijds moesten de diensten op het centrale niveau worden verstrekt of uitgebouwd met mensen die verantwoordelijk waren voor beleidsprogramma's die een gebiedsgerichte werking met zich meebrachten. Anderzijds werd ervoor geopteerd om een speerpuntenbeleid in prioritaire gebieden te concretiseren via een contingent van gebiedsgericht werkend personeel.
De Westhoek heeft in het ontstaan en de ontwikkeling van de Gebiedsgerichte Werking een cruciale rol gespeeld. De dynamiek en de ervaring die in de regio al aanwezig waren, vormden een goede voedingsbron voor de invulling van een gebiedsspecifiek beleid. Dankzij de aankoop van Esenkasteel en de huisvesting van een aantal aanverwante instellingen werd de basis voor een meer geïntegreerde streekgerichte benadering verstevigd. Naast de provinciale gebiedswerking vindt men er immers ook de secretariaten van verschillende Europese programma's (LEADER, Landschap in Verandering,...), RESOC Westhoek, SERR Oostende-Westhoek, wvi, Toerisme Westhoek en het Westhoekoverleg.
Maar ook in de andere regio's werd de gebiedswerking uitgebouwd. Het hele proces verliep daar echter wat trager. In sommige gevallen was de regio zelf er minder klaar voor, in andere gevallen werd de streekwerking dan weer vanuit een eigen institutionele setting georganiseerd. Doordat meer jonge mensen werden ingezet, duurde het voor deze teams wat langer om zich in te werken en netwerken uit te bouwen. Het team van Brugge-Oostende is gehuisvest in het Kasteel Tillegem in Brugge (Sint-Michiels). De mensen van de regio Midden-West-Vlaanderen vindt men terug in de Peter Benoitstraat in Roeselare en voor de regio Zuid-West-Vlaanderen werkt men vanuit een bijgebouw bij Kasteel 't Hooghe. Voor de kust is een ankerpunt voorzien in Oostende. Het Provinciaal Ankerpunt Kust is gehuisvest in drie gerenoveerde pakhuizen van de oude vismijn.