Verder blijkt dat de westelijke tracés globaal beter scoren dan de oostelijke tracés, niet alleen op verkeerskundig vlak, maar ook op milieuvlak. Tracé West A scoort bovendien beter dan tracé West B.
Op basis van een verkeerskundige analyse besliste de deputatie van West-Vlaanderen in oktober 2008 dat de aanleg van een omleidingsweg in Anzegem gerechtvaardigd is. Deze beslissing betekende het startschot voor een ruimtelijk en technisch onderzoek naar de haalbaarheid van mogelijke tracés. Vier omleidingstracés kwamen in aanmerking voor verder onderzoek. Op basis van een milieueffectenrapport (MER), dat in het voorjaar 2010 werd opgestart, werden vervolgens de effecten van deze tracés op de mens en het milieu onderzocht.
Verkeerskundig luik
Op basis van de vele reacties van de bewoners van Anzegem werd het verkeerskundig luik nog uitgebreider onderzocht.
Wanneer de vier omleidingswegtracés op verkeerskundig vlak ten opzichte van elkaar worden afgewogen, blijkt dat de westelijke tracés, en in het bijzonder het tracé west A, beter scoren dan de oostelijke tracés. Dit omwille van het geringere aanzuigeffect van het verkeer uit de omgeving (+6,5 %), wat een drievoudig gunstig effect heeft: de minste doorstromingsproblemen op de omleidingsweg zelf, een minimale behoefte aan rotondes en een (licht) positieve impact op de doortocht in Kaster.
Omdat dit tracé het dichtst bij de N36 loopt, is er ook een positief effect op de verkeersintensiteiten op de N36 (-20 % in 2020 t.o.v. situatie zonder omleidingsweg). Het tracé Oost A is het minst gunstig gezien er een relatief groot stuk door de huidige doortocht blijft lopen, met problematische kruispunten.
Milieuluik
Daarnaast werden de vier tracés ook afgewogen t.a.v. de andere milieuaspecten:
- Vanuit het luik fauna & flora en het luik landschap worden de oostelijke tracés als meest schadelijk bevonden, omwille van de nabijheid en aantasting van belangrijke natuur- en landschappelijke waarden, zijnde het erfgoedlandschap Bouvelosbos en Hemsrode (met o.a. het kasteeldomein Hemsrode), een habitatrichtlijngebied en de vallei van de Weedriesbeek.
- Vanuit de onderdelen geluid en lucht blijkt dat er geen significante verschillen zijn tussen de verschillende tracés voor de omleidingsweg. Voor alle tracés geldt dat de komst van een omleidingsweg een dusdanig sterk positief effect zal veroorzaken op de leefbaarheid in de doortocht dat de negatieve effecten ter hoogte van de omleidingstracés zelf ruimschoots gecompenseerd worden.
- Inzake bodem, water en mens (landbouw, bewoning) zijn de verschillen tussen de tracés relatief beperkt.
Bovenstaande bevindingen worden nu nog onderworpen aan een administratieve adviesronde, waarna er eventueel nog aanpassingen kunnen gebeuren. Eens het MER definitief is goedgekeurd door de Vlaamse overheid, zullen de resultaten in detail teruggekoppeld worden aan de inwoners van Anzegem.
Momenteel voert de Provincie ook een regionaal mobiliteitsonderzoek uit in het interfluvium Schelde-Leie, waarin ook andere verkeersproblemen in de regio worden onderzocht. De uiteindelijke beslissing van de deputatie over de omleidingsweg Anzegem zal slechts worden genomen als het MER definitief is én als deze regionale studie over de mobiliteit in het interfluvium Schelde-Leie is afgerond.
In bijlage vindt u het plan met de vier mogelijke tracés voor een omleidingsweg in Anzegem.
Meer info:
kabinet gedeputeerde voor Ruimtelijke ordening en Mobiliteit, Patrick Van Gheluwe
julie.oppalfens@west-vlaanderen.be of 050 40 73 33
dienst Ruimtelijke Planning
matthias.dobbels@west-vlaanderen.be of 050 40 35 68